
Stef Schagen
Van verdriet naar vernieuwing

Een gesprek over trauma, geloof en de genezende kracht van de Geest
Stef Schagen was jarenlang voorganger en is tegenwoordig coach van jonge leiders. Ook is hij betrokken bij projecten zoals Family7 en spreekt hij regelmatig in verschillende kerken. Maar achter zijn indrukwekkende cv schuilt een verhaal van diep verlies, rauwe verwerking en geestelijke groei.
Een jeugd getekend door verlies
Het begon allemaal in Aerdenhout, tussen de Bentley’s en de Porsches. Stef was een gelukkig jochie dat hutfeesten organiseerde in de achtertuin. Totdat zijn moeder plotseling overleed; hij was toen bijna negen.
“Daar kom je nooit meer helemaal overheen,” zegt Stef met een stem die de pijn nog altijd verraadt. “Ik stond op het garagepad toen mijn vader het vertelde. Ik ben naar binnen gerend en huilend op de bank gaan zitten. Later, toen mijn broer thuiskwam – hij was destijds veertien – kreeg hij het nieuws direct bij binnenkomst ook te horen en zag ik zijn verdriet. Mijn broer is altijd de introverte van ons tweeën geweest, terwijl ik wat meer naar buiten gericht ben, maar dit beeld staat in mijn geheugen gegrift. Jarenlang heb ik er geen woord over uit mijn keel kunnen krijgen. Niet eens zozeer door mijn eigen verdriet, maar vooral omdat het me zo diep raakte om hem daar zo machteloos te zien staan.”
Zijn moeder was pas 38 toen ze bezweek aan een hersenbloeding tijdens haar werk op een beurs in Utrecht. Het zette het gezin Schagen compleet op zijn kop. “Vanaf dat moment ging alles op de helling,” vertelt Stef. Mijn vader moest zelf zijn verdriet verwerken en trok zich terug achter de zware symfonieën van Mahler en gesloten gordijnen. “Ik schreef in die tijd een briefje met een vulpen: ‘Mama is dood, en ik wil ook dood.’ Zo voelde het echt.”
De hel van het pesten
Het trauma werd uitvergroot door wat volgde op school. Van het einde van de basisschool tot aan de vierde klas van de havo werd Stef ruim zes jaar lang gepest. “Elke dag was onveilig,” herinnert hij zich. “Ik was een lief jochie, deed geen vlieg kwaad. En dan hebben ze je te pakken.” Leraren keken soms toe zonder in te grijpen; protocollen bestonden nog niet.
Die emotionele wonden bleven jarenlang aanwezig. “Ik kon zelfs niet praten over het verdriet, ik zong het weg.” (Niet alleen in de gemeente, vooral ook thuis). Pas veel later kwam de verwerking, mede door professionele traumabehandeling. “De Heilige Geest heeft enorm in mijn leven gewerkt,” zegt Stef. “De Toronto Blessing is voor mij daarin een enorme zegen geweest.”
Een onverwachte ontmoeting
De grote wending kwam in oktober 1985. Na een jeugdavond vroeg zijn vriend Oscar of ze nog even samen wilden bidden. “Toen kwam de Heilige Geest. Onmiskenbaar. Hij vroeg: Mag Ik jou hebben, Stef? Ik wil je helemaal. Ik schoot uit mijn stoel en lag plat op mijn gezicht. Ik wist: Hij mag alles van me hebben. Ik werd gedoopt in de Heilige Geest en begon in tongen te spreken. Alles uit de hemel kwam tegelijk: ontzag voor de Heer, karakter, blijdschap, een honger naar vasten, bidden en de Bijbel en om Jezus te verkondigen.”
Die ervaring leidde tot een theologische studie en uiteindelijk het voorgangerschap. Maar niet voordat God op bijzondere wijze het gezin herstelde. Er kwam een stiefmoeder in huis die de secretaresse van Corrie ten Boom was geweest. Evangelische pioniers als Ben en Wiesje Hoekendijk, Peter Vlug en Floyd McClung werden bijna familie. “Daar kan ik echt van genieten,” zegt Stef. “Dat God mij greep, mij Zijn genade gaf en mij niet liet zitten.”
Balans als levensthema
Voor Stef draait geloof om balans. “Mijn fundamenten zijn de Schrift en de Heilige Geest. De twee benen waarop we lopen zijn Waarheid en Geest. De twee armen zijn de gaven en de vrucht van de Geest. En de twee oren: wet en genade.” Hij citeert graag Jan Zijlstra: “Met het Woord alleen droog je op, met de Geest alleen blaas je op, maar met Woord en Geest groei je op.”
Die balans zoekt Stef ook in zijn visie op genezing. “Ik geloof in God, maar ik geloof ook in de dokter. Alle kennis komt uiteindelijk bij God vandaan.” Hij is wars van geestelijk amateurisme: “Als voorganger zeg ik: zoek een goede christelijke psycholoog. Dat werkt sneller en effectiever”
Toronto: het keerpunt
In 1995 kregen Stef en zijn vrouw Agnes onafhankelijk van elkaar de indruk dat ze naar Canada moesten. Ze hadden geen geld, maar op 21 augustus belde een oom van Agnes: hij had gespaard en wilde hen naar Toronto halen. “Ik stapte daar over de drempel en werd gelijk door God gegrepen,” vertelt Stef over de Airport Vineyard Church.
Wat hem vooral raakte, was het nederige leiderschap. “John Arnott stond daar gewoon in een poloshirt. Geen exclusiviteit, geen manipulatie rondom geld. Ze zeiden zelfs: als je voor de conferentie komt, hoef je niet aan de collecte te geven, want je hebt al betaald.”
Toen Stef terugkwam in Nederland, herkenden mensen hem niet meer. Hij was vrijgekomen van manipulatie en de diepe angst voor afwijzing. Recent nog, in 2025, werd hij opnieuw diep geraakt tijdens een conferentie in Ede. Een hardnekkige angst die hem zijn hele huwelijk had gekweld – de vrees dat mensen zich tegen hem zouden keren of dat zijn vrouw boos op hem zou zijn – verdween definitief. “Ik ben niet meer bang. Dat is hoe God je in de diepte geneest.”
De Bijbel als Joods boek
Stef heeft een diepe liefde voor de Schrift vanuit een Hebreeuws perspectief. De term ‘Oude Testament’ gebruikt hij liever niet. “Het suggereert dat het verouderd is, terwijl het nog steeds van kracht is. Jezus refereerde simpelweg aan de Wet, de Profeten en de Psalmen.” Voor Stef is Christus de rode draad: “De Bijbel is de klok, Jezus is de klepel.”
De dagelijkse worsteling
Achter de geestelijke overwinningen schuilt een dagelijkse strijd: Agnes is chronisch ziek. Ze is meerdere keren op het nippertje aan de dood ontsnapt. “Elke ochtend als we opstaan is de eerste vraag: hoe gaat het?” zegt Stef zacht. “Het drukt op mijn ziel om haar elke dag te zien lijden.”
Het pijnlijkst waren de reacties uit de kerkelijke wereld. Twee keer kreeg Agnes te horen dat iemand niet voor haar wilde bidden omdat haar ziekte het gevolg was van haar zonde. “Daar heb ik het heel moeilijk mee,” zegt Stef. “Als ik erbij was geweest, had ik op dat moment zélf bijna een zonde begaan.”
Ondanks de strijd zien ze Gods kracht. Op een nacht lag Agnes op sterven. “Ik legde haar in mijn slaap de handen op en boem – ze was weer terug in haar lichaam. Dat hoorde ik de volgende ochtend pas.” Stef noemt het een dilemma: “We zien net genoeg kracht om haar hier te houden, maar net te weinig om haar volledig gezond te zien. Toch ervaren we steeds dat Hij erbij is.”
Lessen uit het voorgangerschap
Stef zag als voorganger ook de schaduwkanten van de kerk: manipulatie en religieuze machtsspelletjes. “Ik ben daardoor een tijdlang bang geweest voor christenen. Ik durfde de kerk bijna niet meer in.” Hij leerde dat religie vaak een vorm van controle is.
Zijn inspiratie vond hij bij leiders als Floyd McClung en John Arnott. Van Arnott leerde hij een cruciale les: “Beschadigde leiders beschadigen anderen, maar gezonde leiders brengen heelheid voort.” Sindsdien investeert Stef bewust in zijn eigen innerlijke gezondheid.
Van eenheid naar waarheid
Waar Stef vroeger inzette op eenheid om de eenheid, ligt zijn focus nu bij de waarheid. “Echte eenheid bestaat alleen in de waarheid. De waarheid maakt ons vrij.” Zijn belangrijkste les voor de kerk van nu? “Als we ons ego nou eens zouden inleveren op het altaar. Niet alleen onze zonden, maar ook ons ‘ik’. Dan zouden we een heel eind komen.”
Een leven van genade
Terugkijkend heeft Stef nergens spijt van. “Ik heb altijd vanuit mijn overtuiging gehandeld. Maar als ik van tevoren had geweten wat ik in de kerk zou tegenkomen, was ik misschien nooit tot bekering gekomen.”
Toch overheerst de dankbaarheid. Zijn leidraad is het ‘elfde gebod’ (dat officieel niet bestaat): Gij zult genieten. Genieten van Gods genade, zelfs midden in het lijden. “Prediker zegt dat alles ijdelheid is, maar dat het een gave van God is als je kunt genieten. Vrees God en onderhoud Zijn geboden.”
Voor Stef is genieten geen oppervlakkigheid, maar een daad van geloof. Het is de paradox van een man die gewond is maar toch genezen, lijdend en toch diep verbonden met de nabijheid van God.
@wimvanputten