
André Leeflang
Van zwart-wit naar kleurrijk

Het verhaal van een man die Gods vrijheid vond
Familiewortels en jeugd
Het gesprek begint waar alles begon: bij de familie Leeflang. In Gouda is dat geen onbekende naam, mede door oom Jan Leeflang, de bekende pinkstervoorganger. Maar het verhaal gaat verder terug naar opa Leeflang. Als zondagsschoolleider was hij zo bepalend voor de stad dat hij er zelfs een bijzondere vermelding voor ontving.
“Ik denk dat we heel veel aan opa te danken hebben,” vertelt André. “Ik herinner me nog goed hoe we bij opa en oma waren met alle ooms en tantes. Dan werd het harmonium opengeklapt en zongen we liederen van Johan de Heer. Ik zeg weleens: de basis van mijn geloof ligt bij opa. Hij heeft gezaaid.”
André werd geboren in 1964 en groeide op in een gezin dat getekend werd door ziekte. Zijn vader was hartpatiënt en werd al op zijn 38e volledig afgekeurd. “Ons gezinsleven stond in het teken van zijn gezondheid. Dat drukt een zwaar stempel op een gezin.”
De weg naar geloof
De echte doorbraak kwam tijdens de One Way Day op 22 oktober 1977, waar André door zijn vader mee naartoe werd genomen. Onder de bediening van Ben Hoekendijk kwam hij op dertienjarige leeftijd tot bekering. Een jaar later ontving hij de doop in de Heilige Geest tijdens de volgende One Way Day.
Zijn vader speelde ondertussen als pianist op de Oasedagen in Rotterdam, waar hij de ouders van Annelies leerde kennen. Toen de Pinkstergemeente Morgenstond in Zoetermeer startte, regelde zijn vader dat de broers van Annelies André ophaalden voor de jeugdavonden. “Zo is het balletje gaan rollen,” glimlacht André.
Opmerkelijk genoeg bleef André tot aan zijn huwelijk lid van de Gereformeerde Kerk in Zoetermeer, waar hij bewust belijdenis deed. “De Gereformeerde Kerk was om half twaalf afgelopen, en de Pinkstergemeente om twaalf uur. Dus ik fietste na de dienst snel door naar de zaal van Morgenstond, want daar zaten al mijn vrienden.”
Lees verder – pagina 2
Opleiding en roeping
Zijn droom om piloot te worden spatte uiteen door zijn slechte ogen, en vliegtuigmecanicien werd hem niet gegund door te lage cijfers voor de exacte vakken.
Uiteindelijk belandde hij op de Haanstra Kweekschool in Leiden. “Dat was een school vergelijkbaar met de serie Fame,” vertelt hij enthousiast. “Alles kon en alles mocht. Maar voor pedagogiek, didactiek en psychologie gold een aanwezigheidsplicht van tachtig procent. Voor de rest: zoek het maar uit.” Die vrijheid lag hem wel. “We werden met videoapparatuur van tienduizend gulden het centrum van Leiden ingestuurd om mensen te interviewen. Daar leerde je pas echt wat.”
Op deze school is de basis gelegd voor de rest van Andrés loopbaan en levensvisie. Alles op de opleiding was gericht op het ontwikkelen en benutten van je eigen creativiteit en vindingrijkheid. Deze vaardigheden zijn later van pas gekomen in de ondernemende levenshouding van André.
Creativiteit speelt ook een belangrijke rol in de bediening van André. Zo zijn Annelies en hij 14 jaar jeugdleiders geweest in verschillende gemeenten en is André een vaste spreker binnen verschillende kerken en gemeenten. Waar hij vroeger de opmerking kreeg dat zijn preken eenvoudig en “kinderlijk” waren, worden zijn preken tegenwoordig juist gewaardeerd omdat ze om diezelfde reden begrijpelijk en toegankelijk zijn.
Verlies en emotie
Toen André 21 was, overleed zijn vader. Hoewel het een ingrijpende gebeurtenis was, bleven de tranen uit. “Ik weet nog dat ik dacht: moet ik nu niet huilen? De emotie zat muurvast.”
Pas anderhalf jaar later kwam de ontlading. Toen hij op de radio de klassieke muziek hoorde waar zijn vader zo van hield, brak hij volledig. “Sindsdien ben ik een emotioneel mens. Het heeft er altijd gezeten, maar toen kwam het eruit. Nu kan ik om alles volschieten: een ontroerend programma op tv, of iemand die me simpelweg hartelijk groet.”
Ook tijdens preken houdt hij het vaak niet droog. “Ik word gewoon gegrepen door Gods liefde. Dan denk ik: daar gaan we weer… Ik schaamde me er eerst voor, maar mensen zeggen nu: ‘Nee, dit is juist wie je bent. Het is authentiek.'”
Gezin en zegeningen
Samen met Annelies kreeg André twee zoons, Gino en Sergio. Al vroeg rolden ze in het jeugdwerk, nog voordat ze zelf kinderen hadden. “We zijn enorm gezegend dat onze beide jongens God dienen. Ik ben daar elke dag dankbaar voor, omdat ik om me heen zie dat dit niet vanzelfsprekend is.”
Muziek was daarin de verbindende factor. “Ik zeg altijd dat muziek de lijm is geweest. Ze speelden in de gemeente en bij de jeugd. Kerk was voor hen synoniem aan muziek maken. Dan is het geen verplichting, maar een passie.”
Toch was het leven niet zonder zorgen. Annelies leed aan zware migraine, wat tijdens haar zwangerschappen begon. “Er waren tijden dat ik Annelies en Gino naar mijn moeder moest brengen omdat ze simpelweg niet kon functioneren.” Toen ze zwanger was van Sergio en door de continue misselijkheid en migraine niet meer kon eten, dreigde een ziekenhuisopname. Andrés moeder hielp haar erdoorheen door haar in twee weken tijd weer te leren eten, beginnend met kleine stukjes appel.
“Op die momenten stond ik soms huilend in de kamer: ‘Heer, ik weet het niet meer. Wat moet ik doen?’ En dan ging de bel en stond de buurvrouw of iemand anders voor de deur voor hulp. God voorzag altijd, precies op tijd.”
Lees verder – pagina 3
Van zwart-wit naar kleurrijk
De grootste transformatie zit in Andrés geloofsbeleving. Hij bewoog weg van de strikte, zwart-witte pinkstercultuur naar een geloof vol kleur en nuance.
“Vroeger, net na mijn bekering, ging ik met mijn buurjongen lp’s verbranden in het park omdat die muziek van de duivel zou zijn. Nu denk ik veel genuanceerder. Tegelijkertijd denk ik dat deze radicaliteit op jonge leeftijd de basis heeft gelegd voor geestelijke volwassenheid.”
Ook zijn visie op kerkelijke tradities is veranderd. “Ik geloof dat een mens een keuze voor Jezus moet maken, maar ik geloof ook dat God je tot in je laatste ademtocht de mogelijkheid geeft om deze keus voor Hem te maken.” Je weet alleen nooit wanneer je je laatste adem uitblaast. Bij een missionair project in Gouda, waar ze nu regelmatig komen, ervaart hij die ruimte. “Daar zeggen ze: of je nu kiest voor de kinderdoop, opdragen of de volwassenendoop; het is jouw weg met God en wij steunen je daarin. Dat is bevrijdend.”
“Vroeger sprak men vanuit de pinkster- en evangelische gemeenten soms minachtend over de traditionele kerk; zij ‘hadden het niet’ en begrepen de Geest niet. Nu zie ik juist daar een enorme opwekking ontstaan. Het is niet meer wij-tegen-zij.”
Dienend leiderschap
Of het nu in het onderwijs was of in de kerk, André gelooft in dienend leiderschap. “Goed leiderschap betekent dat je de ander de mogelijkheid moet geven om te groeien en om zijn of haar talenten te ontwikkelen. Baasje spelen is het tegenovergestelde. Een hond heeft een baas; ik werk samen met mensen op basis van hun expertise.”
Dit paste hij ook toe in de klas. “Ik had een zwak voor de leerlingen die overal buiten vielen. Ik zag direct wie er te horen had gekregen dat ze niks konden. Een jongen die overal lessen miste, was bij mij altijd aanwezig. Waarom? Omdat hij zich gezien voelde.”
Muziek als gebed
De laatste jaren heeft André een nieuwe passie: het schrijven van worship-muziek met hulp van AI. “Ik voerde een tekst in die ik jaren geleden had geschreven in een programma dat muziek genereert en er kwam een nummer uit. Ik werd meteen door de muziek geraakt. Om je eigen woorden zo tot leven te horen komen… dat deed wat met me.”
Hoewel er binnen de kerk argwaan is tegenover AI, ziet André het als een hulpmiddel dat ook door God gebruikt kan worden. “Het is geen simpel ‘druk op de knop’-werk. Ik ben uren bezig met programmeren, luisteren en schaven en ervaar daarbij Zijn leiding om het juiste resultaat te krijgen. Het zijn mijn persoonlijke gesprekken tijdens mijn stille tijd met God, die op muziek worden gezet. Mijn gebeden en gesprekken krijgen een melodie.” Zijn droom is dat deze nummers ook in gemeentes gezongen gaan worden om God groot te maken.
Lees verder – pagina 4
De grootste uitdaging
Voor de kerk van nu ziet André één grote opdracht: luisteren naar jongeren. “Stop met het vingertje. Veroordeel jongeren niet om hun daden, maar ga met ze in gesprek en luister. Beoordeel ze niet op hun leeftijd, maar kijk naar wat ze wel kunnen en geef ze een plaats om zich te ontwikkelen. Oordeel niet zo snel. Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen.”
Hij herinnert zich een gesprek met een leerling die zei: “Meneer, u bent christen, u bent echt zielig. U mag niks.” André antwoordde: “Laat me zien waar in de Bijbel staat dat ik niet mag roken of drinken. Jezus veranderde nota bene water in wijn! Het punt is: ik mag het misschien wel, maar ik doe het niet. Niet omdat het moet, maar omdat ik een relatie heb met God. Net zoals ik in mijn huwelijk dingen laat uit liefde voor mijn vrouw, doe ik dat ook voor Hem.”
Een nieuw hoofdstuk
Tegenwoordig bezoeken André en Annelies missionaire gemeenschappen in Zevenhuizen en Gouda. Dit zijn de plaatsen waar zij zich momenteel thuis voelen. “Na de preek is er ruimte voor getuigenissen. Iemand dankt voor de genezing van een kind, een ander vertelt dat hij na 10 jaar eindelijk een baan heeft. De kerk zit stampvol jongeren. Het is fantastisch.”
Vrijheid
Het woord dat Andrés verhaal samenvat, is vrijheid. Vrijheid van dogma’s en van het oordeel van mensen. “God staat boven de partijen en kijkt naar het hart. Daar gaat het om.”
Van zwart-wit naar kleurrijk. Dat is het verhaal van André – een verhaal dat nog elke dag verder wordt geschreven, vol muziek en passie.
@wimvanputten