In gesprek met ….


Izaura van Denderen

Een verhaal van genade en herstel

In gesprek met Izaura van Denderen

Een verhaal van genade en herstel

Afgelopen week bracht ik een bezoek aan de familie Van Denderen in Diemen. Na een wat moeizame tocht door het drukke verkeer vond ik uiteindelijk hun huis, waar ik hartelijk werd ontvangen voor een gesprek met Izaura. Klaas komt later aan de beurt, zoals we hadden afgesproken, maar vandaag staat Izaura centraal. Een bijzondere vrouw met een prachtig, intrigerend verhaal. Ik ben dankbaar dat ik haar heb gesproken; haar getuigenis is een ware zegen.

Achter elke sterke man…

Klaas is natuurlijk de man die in de schijnwerpers staat; hij is bekend en spreekt overal. Maar achter elke sterke man staat een sterke vrouw – vaak degene die ervoor zorgt dat de man in zijn bediening kan staan. Dat herkende ik van vroeger. Ik ben zelf jarenlang oudste geweest en ik weet: als het thuis niet op orde is, wordt het uitvoerende werk in de kerk heel lastig.

Izaura speelt als levenspartner van Klaas een net zo grote rol in het Koninkrijk als hij, al is die van haar meer op de achtergrond. “In principe wel,” vertelt ze. “Toen wij trouwden, was ik al werkzaam binnen Jeugd met een Opdracht. Ik heb me als jonge vrouw altijd geroepen geweten en diende waar de Heer mij naartoe zond.”

Opgroeien in Rotterdam-West

Izaura groeide op aan de Essenburgsingel in Rotterdam-West, vlak bij de dierentuin. Ze kwam uit een gezin van zeven kinderen en was de vijfde in de rij. “Wij hadden geen geloofsovertuiging, ook niet bij mijn grootmoeder of zo. Het was echt een nest waar niemand geloofde, al zat ik wel op een christelijke basisschool.”

Het gezin had het financieel niet breed. Izaura’s vader werd op jonge leeftijd ziek, waardoor haar moeder er alleen voor kwam te staan met zeven kinderen. “Mijn moeder leeft nog; ze is een gigantisch lieve vrouw. Ik heb me altijd geliefd gevoeld door haar, maar het was natuurlijk ontzettend druk thuis.” Haar moeder omschreef haar altijd als een ‘lief’ kind. “Ze is nu 82 en haalt vaak herinneringen op van vroeger. ‘Jij was altijd zo lief,’ zegt ze dan. Zo herken ik mezelf ook: een meisje dat omzag naar anderen en graag deelde. Hoewel ik opgroeide zonder aanwezige vader, was ik niet alleen, en had ik altijd vriendinnetjes om me heen.”

Haar vader verbleef in de psychiatrische kliniek Sint Bavo in Noordwijkerhout. Hij had hersenbloedingen gehad en kampte met zware psychische problemen. “Ik heb geen herinneringen aan hem als een vader die er voor me was,” vertelt Izaura eerlijk. Opvallend genoeg heeft ze hem nooit echt gemist. “Ik ben inmiddels ruim veertig jaar wedergeboren christen. Ik heb veel onderwijs gehad, ook over het ‘Vaderhart van God’. Ik ben vaak bij mezelf te rade gegaan: ervaar ik ergens nog een gemis? Maar ik kan het oprecht niet vinden.”

De afgrond in

Het begon in Rotterdam, toen Izaura een vriendje kreeg dat heroïne gebruikte. “In die tijd was er totaal geen voorlichting op scholen; je hoorde er amper wat over. De overlast begon net. Ik was hartstikke jong en wist van niets.” In zijn huis zag ze de drugs liggen. “Er hing een hoed aan de muur en daarachter lagen de spullen. Na verloop van tijd kreeg ik wel door dat daar mensen kwamen die behoorlijk waren afgegleden. Maar ik dacht: dat overkomt mij niet. Ik keek op hen neer. Ik vond het stomme mensen en was ervan overtuigd dat ik het in de hand zou houden.”

Via hasj maakte ze de overstap naar heroïne. “Ik dacht: één keertje proberen kan wel. Verslaafd? Nee, dat word ik niet.” Maar het ging mis. Op vijftienjarige leeftijd was Izaura al verslaafd. “Superjong,” beaamt ze nu. Ze verbleef steeds vaker in Amsterdam, in een tijd dat de Zeedijk overspoeld werd door verslaafden. Ze merkte dat ze lichamelijk begon af te takelen. “Ik was een tenger, iel meisje en merkte dat ik steeds verder achteruitging. Ik werd magerder en droeg lagen kleding over elkaar om er nog enigszins normaal uit te zien.”

Het kantelpunt

Het keerpunt kwam op diezelfde Zeedijk. Izaura zag iemand in een portiek zitten, een beeld van totale verwaarlozing. “In mijn hoofd hoorde ik ineens een stem: ‘Erken het nu maar, Izaura, jij bent ook verslaafd.’ Dat was het moment dat het besef echt binnenkwam: het gaat helemaal mis met mij.”

Izaura ‘chineesde’; ze durfde nooit te spuiten. “Ik wist: als ik dát ga doen, kom ik er nooit meer vanaf. Er was altijd een stemmetje vanbinnen dat zei: ‘Ik wil een ander leven.’ Maar ik wist niet hoe.” Ze probeerde een afkickkliniek, maar hield dat geheim voor haar moeder. Na een week werd die kliniek echter gesloten omdat de regels niet werden nageleefd. “Iedereen moest eruit. Daar stond ik dan: hoe nu verder?”

Uiteindelijk werd Izaura op haar zeventiende opgenomen in De Hoop, waar ze drieënhalf jaar zou verblijven. In haar wanhoop deed ze op de Zeedijk iets wat ze van huis uit nooit had geleerd. Ze riep uit: “God, als U bestaat, doe dan iets in mijn leven!” Het was een oprechte hartenkreet. “Als kind had ik blijkbaar al een zaadje in me. Ik herinner me dat ik als klein meisje op straat liep en dacht: als iemand me vraagt of ik geloof, dan zeg ik ja. Ik schaamde me er niet voor.” Ze was als kind zelfs een keer de grote katholieke kerk op de Beukelsdijk binnengelopen om te bidden voor haar zieke vader. “Ik dacht: de kerk is een tempel en daar is God. De mensen lieten me daar gewoon begaan terwijl ik achter een bankje knielde.”

De weg naar De Hoop

Twee weken na haar gebed op de Zeedijk werd ze opgepakt voor diefstal. Op het politiebureau ontmoette ze een agent die aanvoelde dat er meer speelde. “Hij zei: ‘Bel me als je hulp nodig hebt.’ Ik twijfelde lang – wie vraagt er nu een politieman om hulp? – maar ik wist dat ik het alleen niet redde.”

Een paar dagen later werd ze opnieuw opgepakt. “Ik viel te veel op: zo’n jong, mager meisje.” De agent stelde haar voor de keuze: de gevangenis of De Hoop. Izaura koos voor het laatste en werd vrijwel direct opgenomen. “Daar ontdekte ik een totaal andere wereld: de christelijke wereld.”

Twee weken na haar opname bezocht ze met een groep van De Hoop een dienst bij ‘Kom en Zie’ in Rotterdam. “De voorganger, de oude Cor van der Dussen, riep mensen naar voren die rust zochten of God wilden leren kennen. Ik dacht: waarom ook niet? Hij legde zijn handen op me en liet me een gebed nazeggen. Ik wist amper wat me overkwam, maar daar begon het.”

Eeuwige dankbaarheid

Als Izaura over Teun en Dinie Stortenbeker (van De Hoop) praat, schieten de tranen haar in de ogen. “Ik ben die mensen eeuwig dankbaar. Zonder hun mandaat en hun zorg was ik er nu niet meer geweest, dat durf ik stellig te zeggen. Dankzij hen hebben Klaas en ik nu vier dochters die stevig in het leven staan.”

Soms, als ze thuis aan tafel zitten, zegt ze het nog weleens tegen Klaas: “Wat als Teun en Dinie er niet waren geweest? Wat als ze die kruiwagens met bouwmateriaal voor De Hoop nooit naar binnen hadden geduwd?” De begeleiding bij De Hoop was intens en liefdevol. “Ik voelde me daar voor het eerst echt gezien.”

Een gouden tijd

“Mijn tijd bij Kom en Zie in Rotterdam was werkelijk goud. Dat is voor mij hoe een kerk hoort te zijn. Ik heb daar vriendschappen gesloten die tot op de dag van vandaag standhouden.” Toen Izaura vorig jaar zestig werd, waren er vijf vriendinnen uit die tijd aanwezig op haar feest. “Stuk voor stuk vrouwen die goed terechtgekomen zijn en betekenisvol werk doen.”

Bij Kom en Zie leerde ze dienen, zingen in het koor en getuigen. Ook Teun Stortenbeker nam haar vaak mee naar spreekbeurten om haar verhaal te delen. “Ik stond voor allerlei groepen: van plattelandsvrouwen tot politiescholen. Dat was een geweldige leerschool. Ik leerde hoe je kort en krachtig je verhaal vertelt en hoe je de Geest van God door je heen laat werken.”

Waar droom je van?

Op de vraag wat ze tegen de dertienjarige Izaura zou zeggen, antwoordt ze: “Ik zou zeggen: ‘Wat was je toch een leuk meisje.’ Want dat was ik. Ik had mijn streken, maar de basis was goed. Ik was vriendelijk en wilde graag delen.”

Tegen andere jonge meiden in de penarie zou ze zeggen: “Waar droom je van? Hoe kan ik je helpen? Ik ken Iemand die je nog veel beter kan helpen dan ik, maar laten we de handen ineenslaan om te voorkomen dat je een leven leidt dat geen vreugde geeft.” Izaura weet waar ze het over heeft; de wereld van verslaving bracht haar in aanraking met diefstal, geweld en diepe angst. “Ik ben er een keer getuige van geweest dat een vriendin werd verkracht terwijl de dader met een hakbijl tussen ons in op de bank sloeg. Hij zei dat hij mij met een molensteen in de sloot zou gooien als hij me alleen had getroffen. Dat ik dit heb overleefd, is pure genade van God.”

Verslavingsdeskundige uit ervaring

Tegenwoordig doet Izaura samen met Klaas voorbede in diensten. Haar advies aan mensen die worstelen met verslaving is helder: “Kom er direct mee naar buiten. Verslaving isoleert je, en dat is je grootste vijand. Zoek iemand die je vertrouwt en zeg: ‘Ik zit hierin vast.’ De tweede stap is: stop met liegen. Besluit om de waarheid te spreken over je leven. Liegen kost ontzettend veel energie; je moet altijd onthouden wat je tegen wie hebt gezegd. De waarheid maakt vrij – dat is een Bijbels principe dat ook werkt als je niet gelooft.”

Izaura benadrukt dat veroordeling nooit helpt. “Beschuldigingen duwen iemand alleen maar verder weg. Als je eerlijk bent, verdwijnt die beschuldiging en komt er ruimte voor een arm om je schouder.”

Mentoren in het geloof

Verschillende mensen gaven richting aan haar geloofsleven. Dicky Stip, een medewerkster van De Hoop, was er zo een. “Bij haar moest ik Bijbelteksten uit mijn hoofd leren. Ze had een prettig gezag en liet me voelen dat ik belangrijk was in Gods ogen.” Later ontmoette ze Linette Kong, een vrouw die gespecialiseerd was in voorbede. “Zij sprak als eerste uit dat Klaas en ik samen zouden gaan spreken. Ze durfde me ook te corrigeren: ‘Izaura, stel je op als een leerling.’ Dat kwam binnen.”

Al in De Hoop kreeg haar roeping vorm onder de profetische bediening van Jaap en Zwaantje Kooij. “Zij waren echte profeten. Ze haalden me eruit en zeiden: ‘Jij bent een geroepene.’ Niet veel later stond ik op de EO-Jongerendag voor 40.000 mensen mijn verhaal te vertellen. Dankzij mijn deelname aan verschillende documentaires werd ik een beetje een bekend gezicht in evangelische kring. Ik heb me sindsdien altijd geroepen geweten om te getuigen van wat Hij heeft gedaan.”

Positie naast Klaas

Over haar rol naast Klaas is ze duidelijk: “We trekken al 34 jaar samen op, ook geestelijk. We hebben tien jaar lang samen een kerk gebouwd. Hoewel Klaas het hoofd van ons gezin is, heb ik me nooit ondergesneeuwd gevoeld. Ik sta mijn mannetje en Klaas accepteert dat, omdat hij weet dat ik het woord van de Heer op mijn hart draag.”

De laatste jaren is haar rol wat veranderd. “Ik ben oma en ik werk in de zorg, wat ik ook als een roeping zie. Soms gaat Klaas alleen op pad, maar vaak ga ik mee. Dan opent hij de dienst en mag ik iets delen of bidden. Ik ben geen type voor lange preken, maar ik bereid graag de ‘geestelijke grond’ voor, zodat het spreken van God binnen kan komen. Dat vult elkaar perfect aan.”

Geloofsavonturen

Geloofsavonturen gaan ze niet uit de weg. “Dingen buiten onze comfortzone durven we beiden aan, of het nu om financiën, wonen of de opvoeding gaat. Bij Jeugd met een Opdracht leerde ik al om volledig uit geloof te leven. Ik gaf mijn huis en mijn vaste baan op voor het avontuur met de Heer.” Belangrijke beslissingen nemen ze samen. “Als we het echt niet weten, besluit Klaas. In 34 jaar is dat misschien twee keer voorgekomen. Dat geeft rust en vertrouwen.”

Werkzaam in de zorg

Izaura werkt nog steeds in de zorg, vaak bij cliënten die intensieve begeleiding nodig hebben. Een van haar meest bijzondere cliënten was de bekende Nederlander Ton van Duijnhoven. “Toen we stopten met het leiden van onze gemeente, baden we vaak specifiek voor bekende Nederlanders om met hen in contact te komen. Dat was puur profetisch. Later kwam ik terecht in de wereld van Ton van Duijnhoven, waar veel kunstenaars en acteurs kwamen.”

Amsterdammertje van Ton gekregen

Ton was aanvankelijk erg sceptisch als ze sprak over haar geloof. “Hij zei: ‘Izaura, je bent een te slim wijf om in die onzin te geloven.’ Dan pakte ik hem gewoon aan: ‘Ton, daar heb ik vandaag geen zin in. Ik kom voor je zorgen, laten we niet achterlijk doen.’ Hij waardeerde die directheid. Ik heb veel van hem geleerd over de toneelwereld en zijn oorlogsverhalen. Ik hield echt van die man.”

Ze verzorgde ook andere bekende mensen zoals Ton Lutz en zijn dochter Anka. “Ze wisten dat ik christen was, maar ze zochten mij specifiek uit. Ik was bij Ton van Duijnhoven toen hij zijn laatste adem uitblies. Ik heb op zijn sterfbed nog met hem gebeden en op zijn begrafenis gesproken. Ik weet dat hij nu bij de Vader is. Eind goed, al goed.”

Vier prachtige dochters

Izaura en Klaas hebben vier dochters. “We waren vroeger best streng; wereldse muziek mocht bijvoorbeeld niet. Nu zijn we genuanceerder, maar nog steeds radicaal in onze waarden. Opgeven is bij ons geen optie.” Ze gaven hun kinderen het profetische spelenderwijs mee. “De kamer van onze oudste dochter was ingericht in Amerikaanse stijl. We zeiden: ‘Je zult veel reizen.’ Later werd ze door de Amerikaanse ambassade uitgenodigd voor een ontmoeting met president Bush. Hilarisch, toch?”

“We zeiden tegen een andere dochter: ‘We zien je later in een mooi Chanel-pakje rechtspreken.’ Vandaag de dag is ze advocaat. Een andere dochter werkt in de hulpverlening voor slachtoffers van mensenhandel. Ze heeft op de Wallen gewerkt en heeft nu in Amerika een stichting opgezet. Ik zit zelf in het Nederlandse bestuur daarvan. Wij waren nooit bang om onze kinderen in de wereld te laten functioneren. Als ze in een club dansten, raakten wij niet van de kook. Dit is echter alweer vele jaren geleden; hun belangstelling ligt nu ergens anders.

Functioneren in de wereld

Izaura geniet van het leven. “Ik ben 61, maar ik hou nog steeds van een feestje. Laatst met oud en nieuw nam ik een zwaar gehandicapte cliënt mee naar een hotel. We hebben samen gedanst op de dansvloer, hij in zijn elektrische rolstoel. Ik evangeliseer dan niet direct, maar ik laat mensen voelen dat ze gezien worden. Je mag best dansen op een liedje als ‘Leef alsof het je laatste dag is’. Vroeger oordeelde ik mezelf daarop, nu ervaar ik die vrijheid.”

Omgaan met teleurstellingen

“Heb ik teleurstellingen meegemaakt in mijn leven? Absoluut. Maar die teleurstellingen werkten altijd twee kanten op: ik ben teleurgesteld geraakt in anderen, maar er zijn ongetwijfeld ook mensen in mij teleurgesteld. Toch kan ik er niet omheen dat mijn grootste teleurstellingen vrijwel altijd te maken hadden met andere christenen.

Hoe ga ik daar dan mee om? In eerste instantie ervoer ik echt wel boosheid. Als ik dan thuiskwam, kon ik soms best pittig uit de hoek komen en moest ik echt even stoom afblazen. Maar al snel kwam ik weer bij de kern uit. Zeker omdat ik met God leefde, voelde ik: laat het nu los. En dan bedoelde ik ook écht loslaten.

Ik durfde te accepteren dat vriendschappen niet altijd voor eeuwig waren; er waren seizoenen waarin mensen een tijdje met mij meeliepen en ik met hen. Daarna ging ik weer een nieuwe fase in en leerde ik weer nieuwe mensen kennen.

Diepe teleurstelling of boosheid raakte mij soms tot in mijn ziel. Dan dacht ik: wat heb ik nu weer meegemaakt? Onrecht bijvoorbeeld. Ja, dat heb ik natuurlijk meegemaakt — want wie niet? Maar kon ik dat dan loslaten? Ja, ik gaf mezelf de opdracht om dat te doen, zonder het geforceerd weg te duwen. Ik was op een gegeven moment wijs genoeg om te weten dat het simpelweg niet hielp om dingen vast te blijven houden.”

Tribe Church Haarlem

Izaura en Klaas zijn lid van Tribe Church Haarlem, voorheen bekend als The Shelter. “Het is heel bijzonder dat we daar een geestelijk huis hebben. En dat heeft alles te maken met die lieve Walfried Giltjesen en zijn vrouw. Want het is een ‘huis’ dat er echt trots op is dat er vanuit hun bediening mensen een onderdak hebben gezocht en ook hebben gekregen. En het mooiste van deze kerk is dat ze ook weten hoe wij functioneren en zij dat omarmen en ondersteunen.

Zij leggen nooit een druk op ons. Walfried, de voorganger, heeft heel inhoudelijk en liefdevol contact met Klaas, ook als hij ergens tegenaan loopt in de gemeente. Er zijn natuurlijk veranderingen geweest; er is een andere naam gekomen en ze zijn weer een andere koers aan het opgaan. Het is gewoon een liefdevolle gemeente, mooi verticaal opgebouwd: van de allerkleinsten tot de oudste knar die daar zit. Heel lief, diegenen die daar al tientallen jaren komen. Ik ben blij dat we daar onderdak gevonden hebben. En ja, ik ben daar heel gek mee, dus daar gaan we niet meer weg. Terwijl zij er eigenlijk veel meer voor ons zijn dan wij voor hen. Maar Klaas is wel echt een heel liefdevol en ook vaderlijk figuur voor de gemeente, zonder dat hij daar zegt hoe het moet of niet. We staan gewoon náást de gemeente.”

Stay with Me

Wat Izaura nu het meest bezighoudt, is Stay with Me van haar dochter Robin. “Daar brandt nu mijn hart het meeste voor. God heeft dit werk op zo’n bijzondere wijze gelanceerd. Daar is gewoon veel gebed en ondersteuning voor nodig. Ik ben blij dat ik daar als moeder een rol mag spelen. Omdat ik nog altijd weleens denk van: goh, als ik ouder word, wat is nu nog mijn plek binnen het hele gebeuren? Maar ook op latere leeftijd is er altijd een plek. Want het houdt natuurlijk niet op. We blijven gewoon doorgaan. Klaas en ik. En Klaas gaat nog niet met de vut. Ik ook niet. We blijven lekker bezig.”

Aan het eind van ons gesprek is duidelijk: Izaura is een vrouw met een krachtig getuigenis van Gods genade. Van een verslaafd meisje op de Zeedijk tot een vrouw die vandaag mensen dient in de zorg, naast haar man staat in de bediening en vier prachtige dochters heeft opgevoed. Alles tot eer van Jezus.


@wimvanputten

Naar
Startpagina