In gesprek met ….


Gesprek met Anneke Best


Wat je leest, is een bijzonder drieluik dat draait om Jan en Anneke Best. Hoe je hun levensverhaal in één zin samenvat? Zeeman, zeiler, zendeling. Daar zit een wereld van avontuur achter. Samen delen ze inspirerende verhalen over hun werk in de havens op de zeeschepen. Bijzondere momenten van geloof en genade die ze als koppel meemaakten.

Zee, liefde en geloof

Dit getuigenis van Anneke is een aanvulling op het getuigenis dat haar man Jan heeft gegeven. Samen met haar man zijn ze op hoge leeftijd trouw aan hun bediening om zeelieden het Evangelie te brengen. Om een compleet beeld te krijgen van hun leven kunt u ook het getuigenis van Jan Best lezen.

Het verhaal van Anneke Best

Als Anneke Best terugkijkt op haar leven, vat ze het samen met drie eenvoudige woorden: “Met ups en downs.” Achter die woorden schuilt een verhaal van liefde, eenzaamheid, geloof en groei – het verhaal van een vrouw die leerde wat het betekende om een zeeman trouw te blijven, en wat het kost om samen een roeping te volgen.

Een trouwdag in mineur

De ‘ups’ begonnen voor Anneke toen ze Jan ontmoette. “Ik heb het getroffen met Jan,” zegt ze zonder aarzeling. Toch was hun start samen allesbehalve een sprookje. Jan was stuurman en zou in januari voor negen maanden naar zee vertrekken. Twee weken voor hun trouwdag in december werd Anneke’s moeder geopereerd. “Die werd dichtgemaakt en is er nooit meer uitgekomen,” vertelt ze. “We zijn als bruid en bruidegom nog in het ziekenhuis op bezoek geweest. Een vreselijke trouwdag. Iedereen liep te huilen en afzeggen konden we ook niet meer; alles was immers geregeld. In plaats van een feestavond hadden we een broodmaaltijd en toen ging iedereen naar huis.”

Het verlies van haar moeder was een wond die lang bleef schrijnen. “Het was echt een ding waar ik mee zat,” geeft ze toe. Een verdriet dat ze bovendien niet makkelijk kon delen, omdat Jan simpelweg niet aanwezig was.

De wereld van een zeemansvrouw

Anneke trouwde met een zeeman, maar wat dat in de praktijk betekende, ontdekte ze pas na hun huwelijk. “Daar kwam ik pas achter toen ik getrouwd was,” zegt ze. “Als hij weg was, dan was er geen e-mail of mobiel. Hij was gewoon helemaal van de wereld. Na drie weken kreeg je dan een blauwe brief, maar dan zat hij alweer op een heel andere plek.”

Die eenzaamheid was het zwaarst. “Het alleen zijn,” noemt ze als de allergrootste uitdaging. “Doordeweeks, als alles buiten stil is en ieder naar zijn werk, gaat het nog wel. Maar juist de weekenden en zondags alleen… En dan ook geen oppas, zodat ik niet even weg kon. Er kwamen heus wel mensen op bezoek, maar dat waren dan echtparen en voor de mannen was dat ook niet altijd gezellig zonder Jan.” Bovendien waren ze verhuisd naar Heiloo, weg uit haar vertrouwde Zaandam. “Daar kende ik eigenlijk ook bijna niemand. Dat was voor mij heel erg wennen en eenzaam geweest.”

Van eenzaamheid naar begrip

Maar juist die ervaring als zeemansechtgenote werd later haar kracht. “Nu kan ik de zeemannen begrijpen,” zegt Anneke, doelend op de zeelieden die zij en Jan later zouden bezoeken. “Ik kan het leven van hun vrouw snappen.” Dat begrip voor het thuisfront, voor de vrouwen die thuis zaten te wachten, maakte haar werk aan boord van de schepen des te waardevoller.

Ze begreep al snel de kracht van kleine gebaren. Waar haar man, Jan, als hij thuiskwam van zee nog de kans had om aan wal te gaan voor een cadeautje, konden deze zeelieden die zij ontmoette dat vaak niet. Daarom begon ze met het verzamelen van mooie sjaaltjes, kettingen of poppen voor de kinderen bij de kringloop. Zo hadden de zeelui toch een tastbaar aandenken om mee naar huis te nemen.

Samen op missie

Wanneer Jan en Anneke later schepen gingen bezoeken, had ieder zijn eigen taak. “Jan ging dan naar de kapitein toe en ik ging in de messroom zingen met de Filipijnen en met ze bidden,” vertelt ze. Het was een bediening die ze samen uitvoerden, elk met hun eigen gave.

Een van de meest bijzondere verhalen die Anneke deelt, is dat van Savio Fernandez. In 2016 gingen ze naar een schip waar alleen maar hindoes aan boord waren. “Die hadden geen behoefte aan een bijbel, dus wij gingen al teleurgesteld de gangway af.” Maar toen werden ze terugggeroepen door een stuurman uit India, Savio Fernandez, die wél interesse had in het evangelie.

“Hij kon niet meer stoppen met lezen,” vertelt Anneke. “Hij moest dan ’s nachts wachtlopen en had zó in zijn Bijbel zitten lezen dat hij dacht: ‘oh, ik moet alweer werken.’ Zo werd hij opgeslokt door het Woord van God.” Die ene Bijbel had een sneeuwbaleffect: Savio kwam tot geloof, begon aan boord Bijbelstudie te doen, en anderen kwamen tot geloof. “Zijn vrouw vond hem zo veranderd. Zijn hele familie is tot geloof gekomen. En nu is hij voorganger in India en brengt hij het evangelie op YouTube.”

Een ander moment dat haar raakte, was de Chinese kapitein wiens vrouw had gebeden. “We kregen een dag later een mail van zijn vrouw: ‘Ik bid al vijftien jaar met mijn vader dat iemand in de wereld mijn man het evangelie gaat brengen. En dat hebben jullie gedaan.’ Vijftien jaar bidden. Dan ben je wel even stil.”

Een nieuwe frustratie

Sinds twee jaar kan Anneke echter niet meer mee naar de schepen. Haar gezondheid laat het niet toe. “Nu moet hij het allemaal alleen doen,” zegt ze, en de frustratie klinkt door in haar stem. 

Ze missen ook de spontane momenten. “Ze vragen ook vaak: blijven jullie lunchen? Omdat ze allemaal in zo’n klein wereldje leven, hebben ze behoefte aan mensen van buiten. Dan gebeurt er iets. Die nemen spullen mee en je ziet ze helemaal opknappen. Ze zijn helemaal blij met alles.”

Geestelijke vernieuwing

Parallel aan het schepenwerk heeft Anneke ook een eigen geestelijke reis doorgemaakt. Ze komen uit de Vergadering van gelovigen, maar de laatste jaren zijn hun ogen opengegaan. “We doen nu de ‘Vrij Zijn Bijbelschool’, voor een jaar online. We zitten ons hele leven al in de Vergadering en nog komen er nieuwe dingen voor de dag.”

Het was een openbaring. Al eerder wilde ik de Vrij Zijn bijbelschool, maar Jan zei: ‘Ik ben tachtig, ik ga niet meer naar school.’ Maar nu had ik hem dus toch zover dat we het samen gingen doen.”

De nieuwe inzichten raakten hen diep. Het verhaal over vrouwen die zouden moeten zwijgen in de gemeente bijvoorbeeld. “Hij zat maar naast me: ‘Het klopt niet hoor, het klopt niet.’” Later zocht Jan het uit en bleek de vertaling inderdaad niet correct. “We moeten ook nog heel veel dingen kwijt die we ons hele leven hebben gehoord. Dat gebeurt ook door die Bijbelschool.”

Een man die veranderde

Als Anneke gevraagd wordt naar mensen die ze waardeert vanwege de verandering in hun leven, noemt ze zonder aarzelen Jan, haar eigen man. Toen ze met hem ging, kwam hij uit een rijk nest. “Hij liep echt naast zijn schoenen, gewoon van verbeelding. Hij was overal al geweest, over de hele wereld. Hij had een uniform en hij reed in een sportwagen. Alles wat ik níét ambieerde. Ik was maar gewoon uit een arm, gelovig nest.”

Jan kwam uit een andere wereld. “Hij had ook bediendes aan boord die alles voor hem deden. Toen dacht hij: als ik nou getrouwd ben, dan is zij dat ook.” Ze lacht: “nee dus…”

Geestelijk heeft Jan een enorme ontwikkeling doorgemaakt. “Ja, zeeman én gelovig. Alles wat ik aandroeg, dat mocht allemaal niet te veel geestelijks zijn. Maar dat is gelukkig allemaal veranderd.”

In de Vergadering sprak Jan vaak tijdens het avondmaal, gaf hij liederen op, deed zo’n beetje alles. “In de Levend Evangelie Gemeente waar ze nu aan verbonden zijn, was het best wel wennen: niks doen en achteraan zitten. Hij heeft weleens dingen waarvan ik zeg: ‘Waarom breng je dat niet naar voren?’ Maar daar is hij dan weer te bescheiden voor.”

Vooruit blijven kijken

De laatste tijd is Anneke veel bezig met boeken van Derek Prince. “Die zijn heel duidelijk. Dat onderwijs.” Maar belangrijker nog: “We zijn ook weer terug naar het Woord gegaan, want boeken zijn toch ook weer een eigen impressie. We zijn vroeger – ja, mag ik niet zeggen – doodgegooid met boeken. Daar zijn we ook een beetje voorzichtiger in geworden. Laat het Woord maar spreken.”

Als ze terugkijkt op haar leven, op de ups en downs, dan ziet ze een rode draad: een God die trouw is gebleven, ook in eenzaamheid; een man die veranderde; een bediening die ze samen mochten doen.

Binnen de kerk blijft ze zich ontwikkelen: ze leert, groeit en ontdekt. Terugkijkend op haar jeugd, ziet ze een groot verschil. “Als ik nu die jongelui zie die gedoopt worden,” merkt ze op: “Wat heb ik destijds meegekregen? Een hoop Bijbelteksten moest je uit je hoofd leren, maar de waarom – de betekenis en de context van die teksten – die kreeg je niet mee.”

Dat inzicht heeft ze nu wel. En dat, op haar leeftijd, is misschien wel de meest waardevolle ‘groei’ van allemaal.



@Wim van Putten