In gesprek met ….


Gesprek met Jan Best

Deel 2


Wat je leest, is een bijzonder drieluik dat draait om Jan en Anneke Best. Hoe je hun levensverhaal in één zin samenvat? Zeeman, zeiler, zendeling. Daar zit een wereld van avontuur achter. Samen delen ze inspirerende verhalen over hun werk in de havens op de zeeschepen. Bijzondere momenten van geloof en genade die ze als koppel meemaakten.

Zee, liefde en geloof

Eenzaamheid aan boord

Wat Jan het meest raakt in het contact met zeelieden, is hun diepe eenzaamheid. “De eenzaamheid, en ook het besef dat hun gezin – bijna allemaal hebben ze wel een gezin – aan de andere kant van de wereld zit en afhankelijk is van hun inkomen. Ondanks dat ze elke dag contact kunnen hebben met de telefoon, is die afstand een gigantisch probleem.”

Vooral de Oekraïners zitten muurvast. “Hun vrouw met kinderen in de schuilkelder, midden in de oorlog. Ze hebben kleine kinderen en kunnen niet van het schip af, want dan plegen ze contractbreuk en moeten ze een boete betalen. Als ze wel naar hun land gaan, moeten ze het leger in. Ze zitten op alle fronten vast.”

En dan zitten Oekraïners en Russen samen op een schip. “De vijanden zitten met elkaar op een plek. Maar men werkt gewoon samen met elkaar.” Ze verwachten niet dat er mensen komen om voor hen te bidden. “Ze laten hun kinderen zien van twee en drie jaar. En dan zeggen ze: we zitten gewoon helemaal vast. Ze kunnen geen kant op. Ze zijn gevangen in hun baan, in hun eigen wereld, 24 uur per dag.”

Hoeveel zeelieden hebben hem niet hun zonden beleden. Die laatste kapitein die hij bezocht, vertelde: “Ik heb een heel raar leven geleid. Met drank, met vrouwen en met gokken. Ik heb een vermogen vergokt. Totdat God mij bij mijn nekvel heeft gepakt en mij 180 graden heeft omgedraaid en heeft gezegd: en nu, vanaf nu ga je Mij volgen.” Nu houdt die kapitein aan boord samenkomsten met de bemanningsleden als ze tijd hebben op de oceaan. “Ze weten het zelf al,” zegt Jan. “Ze komen er zelf mee dat ze dat kwijt willen.”

Gods leiding door het leven

Als Jan terugkijkt op zijn leven, ziet hij Gods hand overal. “Ik ben uiteindelijk aan het eind van mijn leven nu tot de conclusie gekomen dat mijn hele levensloop, dat had God al vastgelegd. Hij wist al hoe dat zou verlopen en Hij heeft mij niet zomaar op aarde gezet, maar echt met een doel.”

Hij verwijst naar Galaten 1 vers 15 en 16, waar Paulus schrijft dat God hem al vanaf zijn moeders schoot had afgezonderd. “Ik wil mij helemaal niet vergelijken met Paulus, maar wat hier staat, slaat ook op mij. Hij had van tevoren al bepaald dat ik zou gaan varen om daarmee de heidenen te leren kennen, ervaring op te doen, zodat ik die aan het eind zou kunnen toepassen bij het brengen van Zijn boodschap.”

Die zeilen, die ervaring als kapitein, die jaren op Schiphol – het was allemaal voorbereiding. Om uiteindelijk met een Bijbel in zijn hand op de kade van IJmuiden te staan, als een dienstknecht, een slaaf van Christus. Niet meer de kapitein met absolute macht, maar de nederige boodschapper van het evangelie.

Een gezin dat volgt

Jan en Anneke zijn 56 jaar getrouwd. Ze hebben vijf kinderen, allemaal getrouwd, de meesten hebben ook kinderen. Negen kleinkinderen tot nu toe. “Daar zijn we heel gelukkig mee.”

En het mooiste is: “Ik ben heel dankbaar dat al onze kinderen de Here Jezus hebben aangenomen. Zij voeden hun kinderen ook op met de Bijbel in de hand. Daar zijn we heel dankbaar voor.”

Dankbaarheid en wijsheid

Is Jan wijzer geworden in zijn 81 jaar? Hij twijfelt. “Ik vraag het mezelf vaak af, of dat wel zo is. Ik vind mezelf er niet wijzer op geworden, eerlijk gezegd. Soms denk ik dat ik kan inschatten hoe iets zit of hoe de verhoudingen liggen. Maar dat bleek achteraf toch heel anders te zijn.”

Maar wat hij wél heeft geleerd, is dankbaarheid. “Ik ben heel dankbaar dat ik zeker mag weten dat ik gered ben door het bloed van Jezus. Ik ben heel dankbaar dat ik Anneke als vrouw mag hebben, dat zij het heeft kunnen opbrengen om vanaf haar achttiende jaar nu nog steeds bij mij te blijven. En ik ben heel dankbaar voor onze kinderen, dat zij ook allemaal diezelfde weg gaan als wij.”

Hij maakt zich nog steeds zorgen. Over Anneke’s gezondheid bijvoorbeeld. Ze hebben verschillende toezeggingen gehad, woorden van God uitgesproken door mensen, dat het wel goed zou komen. “Ik ga daar nog steeds voor. Ik vertrouw erop dat Hij weet wat Hij doet en dat het uiteindelijk goed komt.”

De Bijbel blijft centraal

Als er één boodschap is die Jan wil doorgeven, is het deze: blijf in het Woord. “Blijf daarbij. Ik heb zulke rijen boeken gehad van allemaal beschouwingen. Ik doe daar niks meer mee. Ik bepaal me echt alleen maar hierop.” Hij wijst naar zijn Bijbel.

Het Woord blijft hem verbazen. Zoals die ontdekking over de ‘wind des daags’ in Genesis, toen God door de hof van Eden wandelde – geen avondkoelte, maar een tijdsaanduiding. Drie uur ’s middags, het moment waarop de zonde de wereld binnenkwam. Hetzelfde tijdstip waarop Israël het Paaslam moest slachten, tussen twee avonden. Hetzelfde tijdstip waarop de Here Jezus, het Lam van God, stierf. “Als je dat niet weet, dan lees je er alleen maar overheen,” zegt Jan. Hij straalt als hij dit vertelt. Dit is wat hem bezighoudt, wat hem raakt, wat hem verwondert.

Zeeman, zeiler, zendeling

Nu is Jan 81 jaar. Zijn hart klopt nog steeds sneller als hij de zeelucht ruikt. Hij is nog steeds zeeman in hart en nieren. Maar zijn bestemming heeft hij gevonden op de kade, met een Bijbel in zijn hand, als een dienstknecht van Christus.

“God heeft Zijn eigen wegen,” zegt hij. “Godswegen zijn in dat opzicht onbegrijpelijk en niet altijd voorspelbaar.”

Maar één ding is zeker geworden in zijn lange leven: die roep die hij als vijfjarig jongetje voelde naar de zee, die wilde jaren als jonge zeeman, die carrière op Schiphol, die teleurstelling die een opening werd – het was allemaal voorbereiding. Voorbereiding om uiteindelijk te staan waar hij nu staat.

Zeeman, zeiler, zendeling. Drie woorden die een heel leven samenvatten. Een leven waarin God hem bij zijn kladden greep, hem uit de wereld trok, hem op de Rots zette. Een leven waarin een vrouw het middel werd voor totale ommekeer. Een leven waarin teleurstelling de voorbereiding bleek. Een leven waarin de zee hem riep, maar de haven zijn bestemming werd.

En elke ochtend om zeven uur gaat hij zijn bed uit, spreekt met de Heer, vraagt om een boodschap. En elke dag krijgt hij antwoord. Na 81 jaar weet hij: God had hem niet zomaar op aarde gezet. Echt met een doel.

Dat doel heeft hij gevonden. Op de schepen in IJmuiden, met een Bijbel in zijn hand, vertellend over de vrede van God die alle verstand te boven gaat. Aan kapiteins en matrozen, aan Russen en Oekraïners, aan Hindoes, Moslims en atheïsten. Aan mannen die vastzitten in hun eenzaamheid, die worstelen met hun zonden, die verlangen naar thuis.

En dan vertelt hij hun over Filippenzen 4 vers 5 tot 7. Over de Heer die nabij is. Die terugkomt. Die vrede geeft. Die je bij je kladden grijpt en je leven omkeert.

Zoals Hij deed met een jonge zeeman, 81 jaar geleden geboren in Koog aan de Zaan, die alleen maar wist dat hij de zee op wilde. En die nu weet dat de zee hem heeft voorbereid. Voor dit moment. Voor deze roeping. Voor deze bestemming.



@Wim van Putten