Blogs


Een bezinningsmoment


Waar zijn al die jaren gebleven?

Frederick – vrienden noemen hem Rick – zat die ochtend aan zijn keukentafel met een kop koffie die allang koud was geworden. Buiten ritselde de herfstwind door de bladeren van de oude eik waar zijn kinderen vroeger hun schommel hadden gehangen. Nu waren ze de deur uit, het huis leeg op hem en Martha na, en voor het eerst in tijden had hij werkelijk de ruimte om na te denken.

Zesenzeventig jaar was hij geworden. Ver in de zeventig! Het klonk nog steeds onwerkelijk in zijn oren. Waar waren al die jaren gebleven? In een flits zag hij zichzelf weer als jonge vader, rennend achter kleine voetjes, luiers verschonend in het holst van de nacht, later voetbalwedstrijden langs de lijn – altijd maar in beweging, altijd maar bezig.

Stilte van de vroege ochtend

“Een mooi leven,” mompelde hij tegen zichzelf. En dat was het ook geweest. Martha en hij hadden hun portie gehad aan geluk en zorgen, zoals dat gaat. De kinderen waren gezond opgegroeid, hadden hun eigen weg gevonden. Hij had werk gehad dat hem voldoening gaf, een dak boven het hoofd, vrienden om mee te lachen en te huilen.

Maar nu, in deze stilte van de vroege ochtend, voelde Rick iets wat hij niet goed onder woorden kon brengen. Het was alsof hij zijn hele leven had meegedaan aan een dans waarvan hij de passen wel kende, maar de muziek nooit echt had gehoord. Alsof hij had geleefd volgens een draaiboek dat anderen voor hem hadden geschreven.

Hij dacht aan zijn vader, die altijd had gezegd: “Jongen, werk hard, zorg voor je gezin, en hou je rustig…..” Degelijke adviezen, ongetwijfeld. Maar was dat alles? Was er niet meer tussen hemel en aarde dan dit praktische, nuchtere bestaan?

Een droom

Gisteren nog had hij een droom gehad – zo’n droom die je bijblijft, die iets in je loswoelt. Hij liep door een soort klooster, stille gangen met hoge ramen waar het licht doorheen viel als vloeibaar goud. Zakenmensen in pakken liepen weg, hun aktetassen stevig in de hand, maar hij bleef. Hij koos ervoor om te blijven. En plots waren er kinderen, lachende gezichten, en zelfs een bekende zanger – iemand van wie hij vroeger platen had gedraaid – die hem toeknikte alsof ze oude vrienden waren.

Wakker geworden was hij met een gevoel dat hij niet kwijt kon raken. Een soort heimwee naar iets wat hij nooit had gekend. Of misschien wel: een verlangen naar authenticiteit, naar een leven dat werkelijk van hemzelf was.

Rick stond op en liep naar het raam. De eik stond er nog, steviger dan ooit. Misschien was het tijd om te stoppen met leven naar andermans verwachtingen. Misschien was het tijd om eindelijk te luisteren naar die stem diep vanbinnen – die stem die hij zo lang had weggedrukt onder de dagelijkse beslommeringen. Hij was zesenzeventig. Nog niet te oud om opnieuw te beginnen. Nog niet te oud om te ontdekken wie Frederick werkelijk was, achter alle rollen die hij had gespeeld. En voor het eerst in lange tijd voelde dat niet als een bedreiging, maar als een belofte.

Deels autobiografisch

Dit verhaal is deels autobiografisch. Ik heb inderdaad hard gewerkt, niet omdat mijn vader dat van me vroeg, maar omdat ik er voldoening uit haalde en zo goed voor mijn gezin kon zorgen. We zijn met z’n tweeën overgebleven en kijken terug op een mooie tijd met alles wat het gezinsleven te bieden heeft. Nog steeds zijn we gelukkig samen, na al die jaren.

Maar nu, wat doe je met de rest van je leven? Welke weg wil God dat ik ga? Welke weg wil ik zelf? Zijn er nog nieuwe paden te ontdekken?

Zeker! Zo zit ik nu eenmaal in elkaar: ik houd van avontuur, nieuwe wegen zoeken en nieuwe ervaringen opdoen. Mijn hele leven heb ik ervaren hoe de Heilige Geest ons leven heeft geleid: we woonden op verschillende plekken, zijn meerdere keren verhuisd en mochten op diverse plaatsen de Heer en zijn gemeente dienen. Daar kun je alleen maar met dankbaarheid aan terugdenken. Hoe mooi is dat? Dit geldt ook voor de rest van mijn leven, als me dat gegeven wordt.

Unieke talenten

In die droom was daar het klooster: de stilte en de harmonie. Daar ligt deels mijn verlangen voor de toekomst. Geen saaiheid en eentonigheid, er moet ruimte blijven voor de beweging van de Geest en nieuwe ontdekkingen. Maar authentiek zijn in Hem, dat is wel het grootste verlangen. Niet dat ik dat niet ben geweest; gelukkig heeft de Heer mij gemaakt met mijn unieke talenten, en heb ik op mijn specifieke manier het leven geleefd. Niet beter of slechter dan een ander, maar op mijn manier, op onze manier, samen met God de weg in het leven zoekend.

Vroeger zongen we in onze gemeente een oud lied: “Al de weg leidt mij mijn Heiland, wat verlangt mijn ziel nog meer…” Nee, mijn ziel verlangt niets meer. Dat is het hoogste goed dat een mens kan wensen. Een terugblik met een tevreden gevoel, een vooruitzicht met het verlangen om dat leven te leven waar ik de meeste voldoening in vind, samen met mijn geliefde.


@wimvanputten