
Een knipoog van God
Vandaag een verhaaltje dat ik een ‘Een knipoog van God’ noem.
Wat ik ga vertellen, klinkt voor sommigen van jullie misschien een beetje gek. En weet je, dat snap ik wel. Een persoonlijke ervaring, zeker zoiets als dit, is superpersoonlijk. Het betekent het meest voor degene die het meemaakt. Voor mij was dat in dit geval zeker zo. Dus als je denkt: ‘Hmm, wat een raar verhaal,’ dan is dat oké. Maar als je het wel bijzonder vindt, dan ben ik blij voor je en misschien ga je zelf ook wel eens uitkijken naar zo’n ‘knipoog’.
Het is alweer een tijdje geleden, maar ik had gewoon even een rotdag. Je kent het wel. Normaal ben ik best vrolijk en positief ingesteld, maar iedereen heeft wel eens zo’n ‘off-day’. Een dag waarop het leven gewoon even niet zo leuk voelt. Er was niks ergs aan de hand, gelukkig geen ruzie thuis of problemen met de kinderen. Nee, gewoon zo’n dag dat je stemming in mineur is, zonder duidelijke reden.
Nou, ik hou ervan om dan door het bos te wandelen. We hebben een fijn plekje op de Veluwe, dicht bij dat bekende Boshuis Drie. Daar kun je echt heerlijk rondstruinen in de natuur. Dat deed ik die dag dus ook. Even genieten, even stil zijn. Stil zijn betekent voor mij nadenken en bidden, een beetje tot rust komen. Soms neem ik mijn digitale Bijbel mee voor wat inspiratie, maar die dag zat de somberheid me dwars. Niet fijn.
En zo liep ik daar dus, in mijn eentje, door het bos. Even weg van iedereen, weg van de drukte. Heerlijk alleen, maar dus wel met een sip gevoel. Als ik wandel, hoop ik altijd wel wild te zien. Een ree, een hert, een vos, een wild zwijn… Dat maakt het altijd leuk. Die dag had ik nog niks gezien. In mijn sombere bui liep ik een beetje te mopperen tegen God. Dat het allemaal niet meezat, dat het een beetje tegenviel. Ja, precies zo’n dag als ik net beschreef, weet je wel.
Terwijl ik daar zo, een beetje klagend, op een bospad liep, hoorde ik ineens een soort stem vanbinnen. Het was een stem die ik ken, zo’n zachte, maar toch duidelijke fluistering. Ik geloof dat dat de Heilige Geest is. En die stem zei: ‘Kijk eens achterom.’ ‘Kijk eens achterom.’ Meteen dacht ik: huh, achteromkijken? Waarom? Dat is toch gek? Doe normaal!

Dus eerst gaf ik er geen gehoor aan. Maar die stem in mij bleef aanhouden: ‘Kijk eens achterom.’ Ik stopte. ‘Oké,’ dacht ik, ‘vooruit dan maar. Ik neem mezelf gewoon even in de maling.’ Ik draaide me om. En wat denk je? Op nog geen tien meter afstand stond daar ineens een enorm groot wild zwijn. Ik heb nog nooit zo dicht bij zo’n groot zwijn gestaan! Het was echt gaaf, zo onverwachts. Als ik nou niet omgekeken had, dan had ik dit nooit gezien.
En op dat moment ervoer ik dat als een knipoog van God. En door die knipoog was mijn somberheid ineens weg. Wat een toffe ervaring en wat een les voor mij: wees niet eigenwijs, maar luister gewoon naar die stem die soms tegen jou en tegen mij wil zeggen: ‘Kijk eens achterom.’
Nu weet ik wel dat de Bijbel ergens zegt dat we niet achterom moeten zien. Jezus zegt in Lukas 9 vers 62 dat iemand die de hand aan de ploeg slaat en achterom blijft kijken, niet geschikt is voor het Koninkrijk van God. Achteromkijken kan dan betekenen dat je vasthoudt aan het verleden, aan hoe het vroeger was.
Soms hoor je mensen zeggen: ‘Vroeger was alles beter.’ Laatst las ik nog een leuk stukje van Annelies van Walsum, een blogschrijfster daarover. Zo herkenbaar: ‘Vroeger was het bijvoorbeeld heel normaal dat je wist of je gezond was zonder allerlei testen. Je was een meisje of een jongen als je zo geboren was. Ouders bleven bij elkaar, in plaats van dat iedereen nieuwe partners had. Vader en moeder hadden dezelfde achternaam omdat ze getrouwd waren.’
Ze gaf een hele lijst van zulke voorbeelden. Leuk om te lezen, maar ja, de tijden en gewoontes zijn veranderd. En toch zegt Jezus: kijk niet ‘op die manier’ achterom. Want als je blijft hangen in het verleden, ben je niet geschikt voor het Koninkrijk van God. En ja, ik wil wel geschikt zijn voor dat Koninkrijk!
Maar als ik ‘wel’ achteromkijk, zie ik vooral de mooie dingen en de zegeningen die mijn vrouw en ik van God hebben gekregen. Daar kunnen we echt over vertellen. We konden bijvoorbeeld geen kinderen krijgen. Na acht jaar, na veel gebed, kregen we toch, tot onze verbazing en grote vreugde, drie gezonde kinderen! Ik kan ook vertellen over hoe we een huis kregen. Iedereen zei: ‘Dat lukt jullie nooit, onmogelijk! Dat is een huis voor de directeur, niet voor jullie.’ Maar toch kregen wij dat huis en we hebben er 38 jaar met veel plezier gewoond.
En zo kan ik nog wel even doorgaan over wat God allemaal heeft gedaan en geregeld in ons leven: op het gebied van geluk, gezondheid, geld, ons gezin, en natuurlijk alle geestelijke zegeningen. Het is zoveel, echt reden om enorm dankbaar te zijn. Dus als ik ‘op die manier’ achteromkijk, zie ik een leven vol mooie dingen en zegeningen. En als er verdriet was, was er troost. Als er pijn was, kwam er genezing, soms via gebed, soms via de dokter. Maar in alles wil ik de eer geven aan God, die er altijd was en voor ons zorgde.
De profeet Jesaja beschrijft zo iemand volgens mij in hoofdstuk 33:
Hij zal hoog hierboven wonen, veilig in de onneembare rotsburcht; in zijn brood wordt voorzien, aan water heeft hij geen gebrek.
Dat beeld van veiligheid en zorg, dat heb ik wel ervaren. Hij heeft zijn werk gedaan in ons leven, met liefde en trouw. Daar kijk ik met dankbaarheid op terug.
Dus ja, ik kijk achterom, maar dan met dankbaarheid. Maar ik kijk ook vooruit, naar wat er nog gaat komen. En soms, op die weg vooruit, heb je gewoon weer zo’n knipoog van God nodig.
Hieronder te beluisteren een door Google AI gegenereerd gesprek over dit artikel.

@wimvanputten